Ernst, Sipke
Doel, Erik van den
1. d4 Nf6 2. c4 e6 3. Nf3 Bb4+ 4. Nc3 c5 5. e3 O-O 6. Bd3 d5
7. O-O dxc4 8. Bxc4 Nbd7 9. Qe2 b6 10. Rd1 cxd4 11. exd4

Bxc3 Een typische isolani-strijd. Wit heeft actief stukkenspel. Van den Doel schakelt nu een potentieel gevaarlijke aanvaller uit, maar geeft ook het loperpaar op, voor
een wat betere pionnenstelling.
12. bxc3 Qc7 13. Bd3 Bb7 14. c4 Rfe8 15. Re1 Bxf3!? 16. Qxf3 e5De pointe. Zwart bevrijdt zich en creëert ruimte, maar is dat niet voordelig voor de loperpartij?
17. Qg3 Rac8 17... Nh5!? 18. Qe3 (18. Qh4!? exd4 19. Bb2 -Rybka) 18... Nhf6 19. d5 e4 20. Be2 Ne5 werd door beide spelers niet erg vertrouwd voor zwart.
18. dxe5 Rxe5 19. Rd1
Wit houdt zo veel mogelijk materiaal op het bord. Inderdaad lijkt 19. Bf4 Rxe1+ 20. Rxe1 niet zo veel op te leveren, bv. 20... Qc6 21. Bh6 g6 22. Re7 Qc5.
Wel te overwegen was hier al het eindspel in te gaan met 19. Bb2!? Rxe1+ 20. Rxe1 Qxg3 21. fxg3, waarna het loperpaar wit goede kansen biedt. Maar als de witte aanval niet doorslaat kan dat altijd nog. Na de tekstzet volgt een fase van aftasten, waarin Van den Doel nogal wat tijd nodig heeft.
19... Ree8 20. Bf4 Qc5 21. Bh6 g6 22. Be3 Qe5 23. Qh4 Qe6 24. Bd4 Ne5 25. Bf1 Nfd7 26. Bc3
Een alternatief was 26. Re1 (toren nog een keer terug) 26... Qf5 27. Rad1 Nc6 28. Bc3, maar dat stuit weer op het probleem dat zwart torens ruilt met 28... Rxe1 29. Rxe1 en een soort fort bouwt met 29... f6.
26... Nc5 27. Rd5 27. h3 is niet veel bijzonders na 27... Qe7.
27... Qg4

28. Qxg4
Het sterk ogende en aanvankelijk door Ernst geplande 28. Qf6 faalt op 28... Ne4!, maar Van den Doel suggereerde nog 28. Qh6!? f6 29. h3 Qf5 30. Rad1 en zwart heeft het niet makkelijk.
28... Nxg4 29. Bb2 Ernst zag af van 29. h3 wegens 29...Nxf2!?, maar nu ziet 30. Rxc5! Nxh3+ 31. gxh3 Rxc5 32. Rd1 er goed uit voor wit. 29... Ne4 $5 30. Bb2 Ngf6 31. Rd3 blijft lichtjes onaangenaam voor zwart.
29... Nh6 30. Rad1 Nf5 31. g3 Ne7 32. Rd6
Een uiterst lastige situatie voor zwart. Wit heeft geen directe dreigingen, maar vele latente.
32... Kf8 Hier trok Van den Doel ongeveer vijf minuten voor uit.Hij had nu nog 4:45 minuut over. 33. Bh3 Rc6 34. Rd8 f5 34... Nf5!?. 35. Bg2 Re6
Of 35... Rc8 36. R8d6 met de vervelende dreiging 37.Tf6+. 36... Ne4!? was misschien te doen, bv. 37. Bxe4 fxe4 38. Rd7 a5 39. R1d6 Rxc4 40. Rxb6 Rb4 41. Rxb4 axb4 42. Bd4 Rc8!, maar zulke beslissingen neem je liever niet in lichte tijdnood.36. R8d2 Nc6 37. Kf1 Na5 38. Bd5 Rd6

39. Bc3
Met wits oppermachtige lopers was het misschien tijd om de e-lijn te pakken met 39. Re2. Ook 39. Bd4 met de dreiging Le3-h6+ ziet er gevaarlijk uit.
39... Nc6 40. Bb2 Red8 41. Re1 Nb4 42. Be5 R6d7 43. Bf6 Rc8 44. f3 Nxd5 45. cxd5 Re8 46. Rc1 Van den Doel heeft geen krimp gegeven en het witte voordeel is vrijwel verdampt. Ernst heeft echter nog steeds bijna een halfuur meer bedenktijd en dat blijft druk geven.
46... Kf7 47. Bg5 Re5 48. Rcd1 Na4!? 49. Bf4 Re8 50. Rc1 Nc5 51. Rc4 Red8 52. Rcd4 Na6 Niet zoveel zin heeft 52... Kf6?! (dreigt 53...Pe6!). Een aardige variant is nu 53. h4 !? (53. Be3 g5=) 53...Ne6? 54. dxe6 Rxd4 55. Rxd4 Rxd4 56. Be5+!. Zwart moet weer 53...Kf7 spelen.
53. Bg5 Re8

54.g4 fxg4 55. fxg4 Kg7 56. Rf2
Ernst schrikt terug voor de zwaarwegende beslissing zijn d-pion op te schuiven, nu het paard even niet naar e6 kan. Volgens de computer gaf dit meer winstkansen: 56. d6 Nc5 (56... Re6 $5 57. Be7 (57. Re2!? Nc5!) 57... Nc5 58. Rc2!? met de idee ooit een kwaliteit op c5 te offeren) 57. Be7 gevolgd door torenverdubbeling op de f-lijn. Maar beide spelers waren het hier niet mee eens. 'De loper staat buitenspel op e7', vond Ernst.
56... Nc5 57. Rff4?! Rd6 58. Bh4?
Geeft zijn d-pion weg. 58. Rf3 was nodig.
58... Re5 59. Rf3
en remise overeengekomen. Wit heeft waarschijnlijk niet voldoende compensatie voor de pion, bv. 59... Rexd5 (59... Rdxd5?? 60. Bf6+) 60. Rxd5 Rxd5 61. Bf6+ Kf7 62. Bc3+ Ke6 63. Re3+ Kd6 enz.
(Peter Boel)




